De eerste weken ligt er een dagboek op het nachtkastje. Een cadeau van de babyshower, mooi ingebonden, nog leeg. Je weet dat je iets wil opschrijven, maar als je eindelijk even zit, ben je te moe om te weten waar je moet beginnen. En dan is het opeens drie maanden later.

Zo gaat het voor bijna iedereen. Het eerste jaar bijhouden is niet moeilijk omdat je het niet wil. Het is moeilijk omdat het jaar zo snel gaat dat je er amper tussen komt.

Waarom dit jaar anders is dan andere jaren

Er is geen jaar waarin er zoveel verandert in zo weinig tijd. De eerste glimlach. De manier waarop ze jouw stem herkent nog voor ze je kan zien. Het geluid dat hij maakt als hij net wakker is. Die dingen zijn er, en dan zijn ze alweer weg, vervangen door iets nieuws.

Intussen vraagt alles om aandacht. Niet alleen het kind, maar ook de slaap die je mist, de dag die gestructureerd moet worden, de mensen om je heen die willen weten hoe het gaat. Vastleggen komt als laatste, als het al komt.

Daar komt bij dat de meeste manieren om iets bij te houden meer vragen dan je hebt. Een app wil foto's en beschrijvingen. Een dagboek wil zinnen. Voor je het weet heb je een achterstand die aanvoelt als iets wat je niet meer kunt inhalen.

"Ik had me voorgenomen om elke week iets op te schrijven. Na drie maanden had ik één pagina. En die ene pagina is nu mijn liefste bezit."

Marleen, moeder van Tobias

Eerste jaar bijhouden begint met minder willen

De gedachte dat je alles moet meenemen maakt het onmogelijk om ook maar ergens te beginnen. Eén moment is genoeg. Eén zin op een willekeurige dinsdag is meer waard dan een leeg dagboek vol goede voornemens.

Wat werkt is niet een systeem, maar een gewoonte zo klein dat ze er bijna vanzelf in sluipt. Een notitie in je telefoon terwijl de koffie zet. Een Post-it op het aanrecht. Iets wat niet vraagt om tijd die je niet hebt.

Als je niet weet wat je moet opschrijven, helpt het soms om een paar concrete voorbeelden te zien. In wat je kunt opschrijven als je niet weet wat je wil zeggen staan kleine aanknopingspunten die de woorden op gang brengen.

Wat je straks mist als je niets hebt vastgelegd

Over tien jaar herinner je je de grote mijlpalen wel. Wat je vergeet zijn de details. De manier waarop hij zijn mond optrok als hij sliep. Hoe ze altijd haar linkervoet bewoog als ze dronk. Het geluid dat ze maakten als ze tevreden waren.

Die dingen verdwijnen niet in één keer. Ze vervagen langzaam, totdat je je op een dag realiseert dat je ze kwijt bent. Niet omdat ze niet belangrijk waren, maar omdat je geheugen nu eenmaal niet gemaakt is om alles te bewaren.

Een paar woorden op papier kunnen dat verschil maken. Niet als archief, maar als anker. Iets om op terug te kijken en te denken: o ja, zo was het precies.

Klein beginnen, en dan kijken wat er groeit

Je hoeft het niet perfect te doen om er later blij mee te zijn. Een slordig opgeschreven zin van vier woorden kan over vijf jaar meer betekenen dan een uitgebreid verslag dat je nooit hebt geschreven.

  • Eén zin per week is al genoeg om het jaar later terug te kunnen lezen.
  • Een moment opschrijven vlak nadat het is gebeurd, werkt beter dan terugkijken aan het einde van de dag.
  • Imperfect is prima: halve zinnen, doorgestreepte woorden, een datum zonder tekst. Het is allemaal iets.

Als je iemand wil verrassen die net begonnen is aan het ouderschap, is een manier om herinneringen bij te houden een van de meest praktische dingen die je kunt geven. Op de cadeaupagina vind je wat daarbij past.

Maar voor jezelf geldt: schrijf vandaag één ding op. Wat je net zag, wat je net voelde. Dat is genoeg voor vandaag, en morgen is er weer een nieuw moment.